![]() |
|
|||||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||||||
|
Ecobalans Een van de interne ‘benchmarken’ van Roto Smeets Group is de Ecobalans. Dit is een massabalans die, sinds 1994 al van alle drukkerijen, de in- en uitgaande materiaalstromen, plus energie en water, in beeld brengt. De coördinatie en validatie van deze gegevens gebeurt door het Instituut voor Toegepaste Milieu-Economie (TME) dat gespecialiseerd is in de economie en het management van milieu en natuurlijke hulpbronnen. De Ecobalans presenteert de stromen voor de afzonderlijke Roto Smeets Group productiebedrijven en voor de groep als geheel. Door doelstellingen te formuleren kan gericht op reducties gestuurd worden. Sinds 1994 hebben we al goede resultaten behaald.
De ecobalans is niet alleen een registratiemiddel. Als de prestaties zo goed in getallen ‘gevangen’ zijn, is het ook mogelijk precieze doelen te stellen met actieplannen waarvan ook de effecten goed meetbaar zullen zijn. Omdat de Ecobalans de gehele stoffenhuishouding van de bedrijven laat zien, kunnen deze niet alleen op emissies sturen, maar ook op een efficiënt gebruik van stoffen in het productieproces. De gegevens voor de Ecobalans worden voortdurend verzameld, zodat ook heel frequent een actueel beeld van de prestaties kan worden gegenereerd, mocht dat nodig zijn om bij bepaalde ontwikkelingen de vinger aan de pols te houden. Met deze complete massabalans hebben de Roto Smeets Group-bedrijven hun milieuaspecten in beeld op een wijze die verder gaat dan wat vanuit een milieuzorgsysteem wordt voorgeschreven. Ook het berekenen van de CO2 emissie per ton product wordt hierdoor vereenvoudigd. Het basisprincipe van de Ecobalans is als volgt:
Voor Roto Smeets Group was 2009 een zwaar jaar. Het te verwerken papiervolume is met 6% afgenomen. Aangezien de kengetallen gerelateerd zijn aan tonnen papierinput vallen de algemene kengetallen, die niet direct aan het product gerelateerd zijn, ongunstiger uit dan in 2008. Dit betreft met name het energieverbruik. Door het aangekondigde buiten gebruik stellen van een aantal persen is ook bij het vrijgekomen recycleerbaar afval sprake van een (geringe) stijging. Verhoging van het verpakkingsmateriaal is met name veroorzaakt door de overgang naar andere pallets. Beter dan in het voorgaande jaar waren de scores die direct aan productie gerelateerd zijn (kengetallen per ton papierinput) voor waterverbruik en processtoffen; terwijl op de emissie van vluchtige organische stoffen en de afvoer van gevaarlijk afval zelfs aanzienlijk beter werd gepresteerd.
WATER
Waterverbruik Roto Smeets Group ( in m3/ton papierinput) 2005-2009 Ten opzichte van 2008 is het waterverbruik per ton papierinput licht gedaald. De constante aandacht voor dit verbruikscijfer vertaalt zich al langer in een geleidelijke afname: ten opzichte van 2005 ligt het verbruik (per ton papierinput) inmiddels ongeveer 14% lager .
ENERGIE
Energieverbruik Roto Smeets Group (in gigajoule/ton papierinput) 2005 – 2009 Een belangrijk deel van het energieverbruik heeft betrekking op ruimteverwarming (vooral gas) en ruimteverlichting is daarmee beperkt afhankelijk van de omvang van de productie. In 2009 zijn bij Roto Smeets Group-bedrijven diverse maatregelen genomen en investeringen gedaan die energiebesparing opleverden. Voorbeelden daarvan zijn de aanleg van een centraal persleidingsysteem (waaraan persen worden gekoppeld die eerder elk hun eigen persluchtinstallatie hadden draaien) of de vervanging van twee offsetpersen door één offsetpers met geïntegreerde naverbranding. Maar ook binnen de kantooromgeving zijn diverse energiebesparende aanpassingen doorgevoerd (bewegingsensoren, spaarlampen etc.). Het energieverbruik omvat het totaalverbruik aan elektriciteit, gas en stadsverwarming. Aangezien we het energieverbruik weergeven per ton papierinput komt het kengetal door de verminderde productie op het eerste oog ongunstig over. Als je de stijging van het energieverbruik (iets meer dan 1 %) afzet tegen de met 6% verlaagde orderportefeuille, hebben de energiebesparingsprojecten toch hun werk gedaan.
EMISSIES Emissies VOS naar lucht (in kg/ton papierinput) bij Roto Smeets Group 2005-2009 Ongeveer 19% (situatie 2009) van het totaalgewicht geëmitteerde vluchtige organische stoffen (VOS) wordt bepaald door isopropylalcohol (IPA) dat in de offset wordt gebruikt. Voorts gaat het bij VOS onder meer om vluchtige stoffen uit andere vochtwatertoevoegingen en uit reinigingsmiddelen, en (in de diepdruk) om tolueen uit drukinkt. Deze laatste stof maakt ongeveer 64 procent (2009) uit van het totaalgewicht VOS. Eerder, in de periode 2003-2008, was Roto Smeets Group erin geslaagd de VOS-emissie per ton papierinput stapsgewijs grofweg te halveren. In 2008 werd deze trend doorbroken, vooral als gevolg van een tijdelijke hogere tolueenemissie (zie hieronder) bij een van de bedrijven. De VOS-emissie (per ton papierinput) van de bedrijven van Roto Smeets Group is in 2009 weer aanzienlijk lager. De emissie steekt niet alleen gunstig af (daling met ca. 15%) ten opzichte van 2008, maar laat ook een lichte verbetering (- 3%) zien ten opzichte van 2007. Daarmee lijkt Roto Smeets Group met de VOS-emissie weer terug te zijn op de eerdere, gunstige lijn. Diepdruk Een belangrijke factor was eerder, in 2008, dat bij een van de diepdrukkerijen het actieve koolbed van een van de tolueenterugwinningsinstallaties (TWI) aan vervanging toe was. In 2009 kon dit bedrijf, vooral door een verbeterde werking van de TWI, de VOS-emissie (per ton papier) weer omlaag brengen (reductie van bijna 24%). Het tweede diepdrukbedrijf had in 2009 een min of meer vergelijkbaar kengetal voor tolueen als in 2008. Voor de diepdruk als geheel (twee bedrijven) nam de tolueenemissie (per ton papierinput in de diepdruk) af met ruim 17%. In de diepdruk wordt stelselmatig aan prestatieverbetering gewerkt met onder meer tolueenconcentratie-afhankelijke luchtafzuiging aan de pers en de inzet van ‘hoog-gepigmenteerde inkten’ (de tolueenhoudende inktlaag die op het papier wordt aangebracht is daarbij dunner). Offset Nadat in het verleden grote slagen konden worden gemaakt in de reductie van de IPA-emissies in de offset, zijn vanaf de beginjaren 2000 voortdurend de ondergrenzen in de IPA-dosering opgezocht (sinds 2000 is het IPA verbruik met 75% afgenomen). Ook alcoholvrije persen deden hier hun intrede. In 2009 verving een van de rotatiebedrijven twee offsetpersen door een IPA-vrije offsetpers. Ook een ander rotatiebedrijf stelde een IPA-pers buiten gebruik. Al met al ging in 2009 de emissie van isopropyl-alcohol (IPA), betrokken op het de papierinput van de vijf offsetbedrijven gezamenlijk, met 26% naar beneden. Parallel nam het gebruik van andere vochtwatertoevoegingen (per ton papierinput in de offset) toe, maar minder sterk (+18%). Toekomst De milieuwinst in de offset moet worden behaald tegen de tendens in dat klanten steeds meer op houthoudend papier laten drukken, een papiersoort die meer vochtwater (met toevoegingen zoals IPA) opneemt. Blijvende minimale dosering, meer alcoholvrij drukken of het gebruik van andersoortige vochtwatertoevoegingen blijven de belangrijkste sporen om de IPA- emissies in de toekomst nog verder terug te dringen. Bij de Roto Smeets Group-diepdrukbedrijven liggen de mogelijkheden om de tolueenemissie structureel te bestrijden vooral in de inzet van hoog gepigmenteerde inkten en in uitbreiding van concentratie-afhankelijke luchtafzuiging aan de pers.
HULPSTOFFEN EN PROCESSTOFFEN Naast grondstoffen - in hoofdzaak papier en inkt - onderscheidt Roto Smeets Group de categorieën hulpstoffen en processtoffen.
Hulpstoffenverbruik Roto Smeets Group (in kg/ton papierinput) 2005-2009 Bij hulpstoffen gaat het om stoffen als hechtmiddelen, bijvoorbeeld draad en lijm, plakmiddelen, en om de verpakkingsmaterialen die grofweg 90 procent van het totaalgewicht bepalen van de hulpstoffen die bij Roto Smeets Group gebruikt worden. In 2009 is het hulpstoffenverbruik per ton papierinput ten opzichte van 2008 met circa 14% toegenomen. De bedrijven van de Roto Smeets Group moeten zich op dit punt ‘tegen de stroom in’ proberen te verbeteren: er is steeds meer vraag naar de diverse mogelijkheden op het gebied van verpakkingen. De bedrijven proberen negatieve tendensen tegen te gaan, onder meer door verbeteringen in de verpakkingsstraat (bijvoorbeeld automatische aansturing en nog meer ordergericht maatwerk in verpakkingen); of door te werken met dunnere folie. De bedrijven blijven wel afhankelijk van de eisen van opdrachtgevers, maar zoeken met hen bij voorkeur naar besparende oplossingen of minder milieubelastende oplossingen zoals biofolies.
Processtoffenverbruik Roto Smeets Group (in kg/ton papierinput) 2005-2009 Bij processtoffen gaat het onder meer om chemicaliën (grofweg een derde van het totaalgewicht), platen en daarvoor gebruikte plaatontwikkelaar, poetsdoeken, reinigingsmiddelen en wegwerpverpakkingen van aangeleverde producten. In 2009 lag het processtoffenverbruik (per ton papierinput) ten opzichte van 2008 ca. 3,5 procent lager. In het algemeen geldt dat het processtoffenverbruik ook sterk ‘van buitenaf’ wordt beïnvloed door het orderpakket en -profiel (kleurgebruik, kleurwisseling, oplage, papiersoorten enzovoort), omdat deze het aantal offsetplaten en de benodigde hoeveelheid reinigingsmiddelen bepalen. Roto Smeets Group-bedrijven hebben los daarvan in de eigen procesvoering steeds aangestuurd op een minimaal gebruik van deze stoffen.
AFVALSTOFFEN
Recyblebare afvalstoffen (in kb/ton papierinput) 2005-2009 Recyclebare afvalstoffen bestaan grotendeels uit papier, karton en folie. De hoeveelheid recyclebaar afval per ton papierinput lag in 2009 iets hoger dan in 2008. Dit was deels het resultaat succes in de scheiding van restafvalstromen, maar werd ook beïnvloed door andere factoren zoals het feit dat bij Senefelder Misset een garenloos bindstraat in gebruik heeft genomen; afwerking werd voorheen grotendeels uitbesteed. Ook de aangekondigde sluiting van Roto Smeets Utrecht heeft dit kengetal negatief beïnvloed.
Bedrijfsafval algemeen (in kb/ton papierinput) 2005-2009 In 2009 is de hoeveelheid ‘bedrijfsafval algemeen’ per ton papierinput ten opzichte van 2008 licht gedaald. Bedrijven werken structureel aan beperking van de hoeveelheid bedrijfsafval, onder meer door een goede scheiding van afvalstoffen voor recycling. Het resultaat daarvan is overigens niet altijd direct zichtbaar omdat ook incidentele gebeurtenissen zoals verbouwingen of opruimacties van invloed zijn.
Gevaarlijk afval (in kb/ton papierinput) 2005-2009 De hoeveelheid gevaarlijk afval per ton papierinput lag in 2009 op een lager niveau dan in 2008. De invloed van bijzondere gebeurtenissen (of het ontbreken daarvan) speelt altijd mee. Zo hoefde in 2009 - anders dan in het jaar daarvoor - geen actief koolbed (gebruikt bij de tolueenterugwinning) te worden afgevoerd, maar ontstond bijvoorbeeld wel relatief veel gevaarlijk afval (inktrestanten) bij het ontmantelen van een oude pers. In de structurele bestrijding van de hoeveelheid gevaarlijk afval is het de uitdaging om ook de effecten van veranderingen in de orderportefeuille op te vangen. Als een productie wordt gehaald met meer - maar per stuk kleinere - orders heeft zoiets onder meer invloed op het aantal lege inktblikken dat per ton papier als gevaarlijk afval moet worden afgevoerd, of (bij meer orderwisselingen worden meer drukcilinders gemaakt) op de hoeveelheid spoelwater die uit chroom- en ontvettingsbaden moet worden afgevoerd. Roto Smeets Group zoekt - tegen dergelijke trends in - naar mogelijkheden tot verbetering, bijvoorbeeld door het gebruik van wasbare poetsdoeken, of door te streven naar een minimaal aantal cilindercorrecties.
Voor meer informatie contact: emily.knegtel@rotosmeets.com |
||||||||||||||||||||
|
contact - gebruiksvoorwaarden
|
||||||||||||||||||||